mrt 312012
 

Ruim twee jaar geleden  heb ik  voor een traject  voor schoolleiders  van een grote stichting Ruud Knaapen van bureau Wind benaderd.  Een  oud-collega had mij getipt: “Als je iets in jouw werk  wilt doen met paardencoaching dan kun je het beste contact met Ruud Knaapen opnemen.   Wat hij doet met paardencoaching sluit goed aan bij de manier waarop jij werkt met schoolleiders.”  Waarom paardencoaching ? Ik had daar al iets over gelezen in   ‘Paardenfluisteren; Het paard in dienst van het geheel’,  Ruud Knaapen 2009.  Daarin maakt Ruud duidelijk hoe hij het paard in sessies gebruikt om  gedrag van deelnemers te spiegelen, zodat zij daarvan kunnen leren. Daarvoor is volgens hem het volgende nodig:

“a. bereidheid om naar jezelf te kijken door de ogen van een paard;
b. duidelijkheid en authenticiteit en
c. ordening en gerichtheid op het geheel.

Het paard kan pas contact maken met de deelnemer als hij hem niet meer als roofdier ziet. Paarden gebruiken in hun waarneming  hoofdzakelijk lichaamstaal. De deelnemer zal zich bewust moeten zijn van die paardentaal. Zo is elk gebaar van de deelnemer, hoe klein ook, informatie voor het paard. Het gaat er in de interactie dan ook om als deelnemer oog te krijgen voor de reacties van het paard op jouw aanwezigheid en de bereidheid te hebben om daar je communicatie op af te stemmen.

Authentiek gedrag bij een deelnemer ontstaat, in de ogen van het paard, wanneer bewust en onbewust gedrag bij de deelnemer complementair zijn en elkaar niet tegenspreken. Dit is wanneer de afweermechanismen van de deelnemer het minst actief zijn. De waarde van het leiderschap van de deelnemer wordt in de ogen van het paard dus mede bepaald door de mate van congruentie van binnen- en buitenwereld van de deelnemer, zeg maar de mate van authenticiteit.

Naast authenticiteit lijkt ook een andere factor van belang. Deze heeft te maken met het collectieve bewustzijn. Het paard heeft als opdracht om in eerste instantie een kuddedier te worden en pas in tweede instantie een individu.

Paarden zijn expliciet gericht op het geheel. Leiderschap in de kudde dient de kracht van de kudde. Een kudde kun je ook vergelijken met een organisatie of een bedrijf. Wanneer medewerkers voelen dat leiderschap niet voortkomt uit een persoonlijke wens, maar gericht is op het welzijn van de organisatie als geheel, brengt dat rust in de organisatie. Op deze manier ontstaat legitimiteit voor het leiderschap. Op dat moment ontleent de leider ook zijn kracht aan de organisatie en wordt de relatie wederkerig. In sessies voelen paarden feilloos aan of een leider het geheel wil dienen of alleen zichzelf. Leiderschap dat teveel gericht is op eigenbelang, imago of positie wordt door het paard als onveilig aangevoeld en in de regel verbreekt het paard dan het contact of gaat rebelleren.” Tot zover Ruud Knaapen.  

Al jaren lang verzorg ik bijeenkomsten voor  leidinggevenden,  die verder gaan dan de gebruikelijke trainingen en schoolleidercursussen.  Persoonlijke thema’s staan centraal. Het gaat dan om onderwerpen als bijv.  het onderkennen van je eigen ego’s, zicht krijgen op hoe je in je werk staat als er van uit diverse kanten een verschillend appèl op je gedaan wordt, of over je eigen mentale modellen, die blokkerend kunnen werken, etc.

Onlangs heb ik opnieuw van de diensten  van Ruud gebruik gemaakt. In dit  geval ging het om een groep leidinggevenden op diverse posities in verschillende schoolorganisaties, die elkaar goed kennen van een cursus die ik gegeven heb.  Jaarlijks komen we nadien bij elkaar in zgn. 24uursconferenties.  Samen met één van de deelnemers bereid ik zo’n conferentie voor. In deze groep komen thema’s aan de orde, zoals: wat je drijft als schoolleider, authenticiteit,  waarden die je na wilt streven.
Dit jaar was  dus paardencoaching een onderdeel van deze conferentie:  een manier om stil te staan bij het thema ‘loslaten’, loslaten van bepaalde mentale modellen, van  vaste gewoontes, die kwaliteit in de weg staan,  van ‘scripts’  die je vanuit je opvoeding hebt meegekregen en die belemmerend kunnen werken.  We sluiten in deze conferenties  aan bij de persoonlijke situatie en de context, waarin de leidinggevenden  werken. |Een  van de kenmerken  van deze groep deelnemers is dat  er sprake is van voldoende veiligheid. De leden kennen  elkaar al lang,  hebben zicht  op elkaar ‘s situatie en kunnen met elkaar meedenken. Dus de uitgangssituatie is al goed. Er spelen geen zaken ‘onder water’, die belemmerend werken voor de ontwikkelingen in de groep.

De voorbereiding voor paardencoaching bestaat eruit dat deelnemers vooraf nagaan welke patroonvraag zij in willen  brengen. Een patroonvraag is iets waar je bij herhaling  tegen aan loopt, in je werk of in je privé leven. Een vraag, die je jezelf af en toe stelt, moet stellen. Deze kan verwijzen naar een valkuil waar je steeds weer intrapt,  of naar een te sterk ego, waardoor  bijv. de samenwerking met anderen niet goed loopt.

Vragen, die in de groep van leidinggevenden in deze sessie speelden , waren onder andere:

Ik  vind het lastig om toe te geven of om terug te keren op de ingeslagen weg. Ik heb er moeite mee om mijn gevoelens te benoemen.
Ik denk dat ik weet hoe het zit, dat ik de oplossing heb en dan wil  ik het voor de ander doen.
Ik ben vaak te snel; ik zou meer tijd moeten nemen om gevoelens af te tasten.
In mij zijn vele ego’tjes, die hoge tonen blazen. Die wil ik liever niet laten zien.

De manier waarop Ruud werkt, blijkt aan te slaan bij de groep. Hij verheldert op een integere manier, stelt soms indringende vragen en houdt tegelijkertijd rekening met de grenzen van de persoon die de ‘bak’ in gaat. Hij stemt van tevoren goed af: om welke groep gaat het, waar zit de groep in haar ontwikkeling en gaat bovenal voor kwaliteit. In het systemisch werk maakt hij wisselend gebruik van familie/organisatieopstellingen en aspecten van Gestalttherapie.

Deze sessie maakte veel los.  In de nabespreking kwamen vragen aan de orde als:  “Hoe ga ik er mee om dat ik vooral aardig wil worden gevonden door mijn team ? “ Vraag ik onbewust toestemming aan mijn medewerkers  of ik de  leiding mag nemen ?” “Ik ben  opgevoed als iemand,  die steeds klaar moest staan voor anderen en doe  dat eigenlijk nog steeds,  ook in situaties  wanneer dat juist niet verstandig is, juist als het evident is dat de ander aan de slag moet zodat hij zich ook kan ontwikkelen”.

Vaak is er meer tijd nodig om te verwerken wat in een paardencoachingssessie heeft plaats gevonden:

“Het stormt in mijn hoofd, er zijn nu zoveel dingen, die door elkaar lopen”.
“Het is voor mij nu duidelijk waar het vandaan komt. Daar ga ik iets mee doen; hoe weet ik nog niet, maar dat komt wel”.
“Blijkbaar wil ik aardig gevonden worden. Daar ga ik verder over nadenken”.

Het was goed om te zien hoe open men was naar elkaar en ook dat deze sessie heel veel losmaakte bij de deelnemers  en stof tot nadenken gaf.
Dit is  een onderdeel dat ik vaker in een scholingstraject wil opnemen als het past bij het gekozen thema en als de groep wat voelt  voor deze methodiek.

(Deze column is een bewerking van een reeds eerder door mij geschreven stuk dat verschenen is op de site van Ruud: www.wind.nu)